Laitue et formation de la tête : causes, prévention et conseils
Waarom sla geen krop vormt
De krop bij ijsbergsla en andere slabassen vereist een combinatie van koel weer, voldoende vocht en een evenwichtige voeding. Als een van deze elementen ontbreekt, blijven de bladeren los en ontstaat er geen duidelijke centrale krop. Een veelgehoorde vraag is waarom kropt mijn sla niet; de oorzaken variëren van temperatuur en water tot de keuze van rassen en teelttechnieken. In de praktijk spelen meerdere factoren tegelijk.
- Temperatuur en daglengte: bij temperaturen boven circa 20 °C en lange dagen schakelt de plant over op bladgroei in plaats van kropvorming; bolvorming is dan minder waarschijnlijk.
- Vochtbeheer: zowel te weinig water als onregelmatige vochtigheid kan de ontwikkeling belemmeren; een constant vochtige bodem zonder droogte- of verzadigingsprikkels werkt het best.
- Nitrogenen balans: te veel stikstof stimuleert bladgroei en verhindert stevige krop; een evenwichtige bemesting met kalium en calcium ondersteunt de structuur en bindweefsel van de krop.
- Ruimtelijke indeling: te dicht planten of een onduidelijke afstand tussen zaden en zaailingen vertraagt of verhindert kropvorming.
- Ras en zaden: sommige rassen zijn gevoeliger voor bolten; kies bolt-resistente of koelbestendige rassen die geschikt zijn voor ijsbergsla.
Sla doorschieten en sla groeit omhoog
Doorschieten, ook wel bolten genoemd, is het proces waarbij de plant een bloem- of stengel gaat vormen in plaats van een compacte krop. Je ziet vaak dat de bladeren omhoog gaan groeien en de kop niet meer sluit. Dit gebeurt vooral onder invloed van warm weer, lange dagen en plantstress.
- Warmte en lange dagen: temperaturen boven 20 °C en langdurige zomerdagen versnellen bolten.
- Stressoren: droogte, natte wortels of plotselinge temperatuurschommelingen kunnen het proces versnellen.
- Ras en seizoen: sommige rassen zijn gevoeliger voor bolten; tijdig zaaien en oogsten helpt om een betere krop te krijgen.
- Voeding: een onbalans in stikstof, fosfor en kalium kan de kropvorming verstoren; voorkom overmatige stikstof tijdens de pre-kropfase.
Preventie en praktische teeltpraktijken
Met de juiste aanpak kun je de kans op een goede krop aanzienlijk vergroten. Gebruik deze praktische checklist om sla te telen met betere kropvorming.
- Kies bolt-resistente rassen: selecteer sla-variëteiten die bekend staan om compacte kropvorming en minder gevoeligheid voor vroegtijdig bolten.
- Plan en zaai in geschikte seizoenen: voorkom extreme hitte door te zaaien/uitplanten in koelere perioden of gebruik teeltbescherming zoals schaduwdoek.
- Ruimte tussen planten: houd voldoende afstand zodat elke plant genoeg licht en lucht krijgt om een stevige krop te ontwikkelen.
- Voeding in balans: voorkom overmatige stikstof en geef voldoende kalium en calcium zodat de krop structuur kan vormen.
- Vochtregulatie: onderhoud een gelijkmatige bodemvochtigheid en vermijd zowel uitdroging als wateroverlast; mulchen helpt bij temperatuurbeheersing.
- Temperatuurbeheersing en beschutting: gebruik schaduwdoek of kasverwarming/koelsystemen indien nodig om de temperatuur en daglengte te sturen.
- Oogsttijd en methode: oogst de krop wanneer deze stevig en volledig geopend is; bij losse bladeren kun je kiezen voor bladslaprassen of losse bladteelt.
- Inspectie en tijdige ingreep: kijk regelmatig naar tekenen van bolten en pas de teelt- en oogstplanning hierop aan.
Nooit-krop situaties en alternatieven
Wanneer er geen duidelijke krop ontstaat ondanks goede zorg, kun je verschillende opties overwegen. Een veelvoorkomend scenario is geen krop in ijsbergsla: de teelt levert dan losse bladeren op in plaats van een compacte kop. In dergelijke gevallen kun je overwegen om te oogsten als losse bladsla of een andere slablat te kiezen die beter geschikt is voor jouw klimaat en teeltwijze.
- Regelmatig oogsten als losse bladsa: gebruik de buitenste bladeren en oogst op tijd zodat de plant niet verspilt aan bolten.
- Overgangen naar alternatieve rassen: romaine of babysla kunnen eerder een compacte vorm geven onder dezelfde omstandigheden.
- Kas of schaduw: teelt onder kas, tunnelkasje of met Schaduwdoek kan koelte bieden en kropvorming stimuleren.
Buiten de teeltomstandigheden spelen soms ziekten en plagen een rol bij het ondermijnen van de kropvorming. Nat weer en vochtige omstandigheden bevorderen schimmel- en rotproblemen, terwijl bladvlekken en bacteriële ziekten de plant kunnen verzwakken en de kropsvorming verstoren. Preventieve maatregelen zoals goede waterafvoer, bodembewatering en zorgvuldige plantafstand verkleinen het risico op ziekten. Voorbeelden van relevante aandoeningen zijn witrot en bladschimmel, evenals bacteriële vlekken die bladeren aantasten en groei belemmeren.
Onderhoudstips en vervolgacties
- Houd de bodem vochtig maar niet drassig; water geven in de ochtend vermindert schimmelvorming.
- Voorkom overbewatering in combinatie met schaduwloze dagen om wortelstress te beperken.
- Verwijder aangetaste bladeren tijdig om ziekteverspreiding te voorkomen.
- Rotsloze en kale plekken in de stam en wortelzone vermijden door een vruchtbare en goed drainerende teelaarde te gebruiken.
Voorbeelden en praktische toepassingen
Scenario A: je plant sla in het voorjaar bij gemiddelde temperaturen rond 15-18 °C. Zorg voor voldoende licht, een matige hoeveelheid stikstof en regelmatig water; volg de oogstregels en kies vroeg oogstaande rassen om een stevige krop te krijgen. Scenario B: in de zomer, met hoge temperaturen, gebruik je schaduwdoek en plantafstand om koelte te bewaren; kies bolt-resistente rassen en oogst eerder om bolten te voorkomen. Scenario C: op een balkon kun je losse bladsla telen en later toch kiezen voor een compacte krop als het klimaat geschikt is; gebruik containers met goede drainage en mulching voor koelte.
Met deze aanpak kun je de sla-vooruitgang beïnvloeden en genieten van verse oogst, zelfs als de temperatuur wat grillig is.