En harmonie avec les mauvaises herbes
Samenwerken met de natuur
Samenwerken met de natuur
Elke zomer komt onkruid spontaan terug en blijft het woekeren tot aan de winter. In deze periode bedekt en voedt het onkruid de bodem en zorgt het voor bescherming tegen uitdroging. Het is tevens voor vele insecten zoals vlinders en motten, een schuil- en slaapplaats of voor bijen een bron van voeding. Veel van deze wilde planten kan je verwerken in gerechten zoals salades of kruidenboter, denk maar aan goudsbloem, paardenbloem en madelief. Wied dus niet je volledige tuin maar ga voor wildplukken. Door het onkruid selectief te gaan plukken, hou je de biodiversiteit in stand.
Eetbaar onkruid
Paardenbloem (Taraxacum officinale)
De paardenbloem herken je meteen aan haar opvallende, stervormige gele bloemen. Ze duikt vaak op in het gazon en heeft een lange, stevige penwortel, waardoor je ze best in één keer volledig uittrekt. Maar wist je dat ze ook lekker is? De jonge blaadjes kan je fijnsnijden in salades, terwijl de bloemen perfect zijn als decoratie of om confituur van te maken (zonder steeltjes en blaadjes). Extra leuk: ze lenen zich ook prachtig voor een bloemenkrans.
Brandnetel (Urtica)
Brandnetel staat bekend om haar prikkelende aanraking, die een jeukerig en branderig gevoel veroorzaakt. Gelukkig trekt dat snel weer weg. Handschoenen zijn dus geen overbodige luxe bij het plukken. In de keuken is brandnetel verrassend veelzijdig: de bladeren zijn heerlijk in soep of als thee. Na koken of drogen verliezen de brandharen hun werking. Een kopje brandnetelthee per dag wordt vaak gedronken als natuurlijke opkikker en staat bekend om zijn zuiverende effect op het lichaam.